30/8/2002     Rello  - Marachon                    73    km

Wanneer ik de tent open rits, blijf ik nog even liggen te genieten van het uitzicht. De net over de bergen heen glurende zon kleurt de rotsen zacht oranje, de dunne ochtendmist zorgt voor een sprookjesachtige wereld. Ons ontbijt bestaat uit muesli geweekt in een liter melk, gisteravond gekocht in de bar. Ter aanvulling eten we nog wat hartkeks en volgens ons moet dat voorlopig voldoende zijn tot het middaguur.

Wanneer we Rello verlaten worden we nagezwaaid door diverse mensen die we de vorige avond hebben ontmoet. Adios. Het vervolg van de tocht gaat over de hoogvlakte van Barahonda,  merendeels stijgend. Het is onbeschrijfelijk mooi. In het gehuchtje Yelo willen we even uitrusten op de bank op het pleintje. Henk doet toch nog maar eens een poging om aan brood te komen. "Nee" antwoordt de bevraagde man in het Engels, "maar over 5 minuten wordt de rijdende bakker verwacht".  Hooguit 2 minuten hoeven we te wachten. We fotograferen nog even de duiventillen bij het dorp en gaan daarna verder naar Medinacelli historico. Natuurlijk ligt dat stadje op een berg en er moet weer flink worden gezwoegd en gezweten voordat we boven zijn. Als eerste zien we daar een triomfboog uit het jaar 200; bij deze stad heeft zich het gevecht tussen El Cid en 3 Moorse helden afgespeeld. Zoals gebruikelijk was in die tijd, moest er tot op de dood worden gevochten, maar El Cid laat ze leven en sluit een verbond met hen. Kwaadsprekers over El Cid melden dit natuurlijk aan koning Alfonso en onder andere dit akkefietje draagt er toe bij dat El Cid voor een periode verbannen wordt uit Burgos. Geïnteresseerden kunnen over de geschiedenis vast wel iets vinden in de bibliotheek. Verder bestaat er ook een film over het leven van El Cid. We fietsen het gerestaureerde middeleeuwse stadje in; het is eigenlijk te mooi gerestaureerd, het doet een beetje steriel aan. We eten daarna tapas met grote Cola's en stokbrood met chocopasta. We moeten ons goed voorbereiden op de klim die ons te wachten staat. Het blijkt er één te zijn waar je U tegen zegt; 10 km stijgen, waarvan de eerste 6 km. 9%. De automatische piloot moet erop; niet denken, trappen. "Krijg hier mooie kuiten van", en meer van deze aanmoedigende gedachten brengen me uiteindelijk boven. Daarna afdalen? Nee hoor, een licht stijgende hoogvlakte is ons vervolgtraject. Over de tegenwind wil ik het niet eens meer hebben. Goed, ik handel dit even in één keer af: we hebben erg veel tegen de wind in moeten fietsen, vooral het eerste gedeelte van de tocht. Het laatste deel van de tocht werd het iets beter. Ik maak me een beetje zorgen over de beloofde klim, maar het valt mee; een lange poos vals plat tussen de 3 en 4%. We komen bij een N-weg. Vreemd; de kaart wordt geïnspecteerd en het blijkt dat we verkeerd zijn gefietst. We hebben de gemene klim gemist. Ha, ha, die Bert (Sitters). Wel moeten we daarna licht stijgend een poos langs een mooie afgevlakte N-weg, maar het is niet druk en een brede vluchtstrook helemaal alleen voor ons. In Marachon zoeken we een hotelletje en komen in een zeer eenvoudige hostal/fonda terecht. Het lijkt een beetje op een oud stationsgebouw; erg groot. De bar is in een grote zaal met hoog plafond. Wanneer Henk vraagt om een plek voor de nacht toetst het meisje 900 op de calculator. Henk roept mij erbij en dan toetst ze 1800 in. Het blijkt dat overnachten voor 2 personen Eur 18 kost. Oké, doe maar. Het meisje verdwijnt een poosje en even later moeten we met haar meekomen een uitgesleten trap op, summier licht en we worden naar een kleine pas gedweilde kamer gebracht met twijfelaar, 2 stoelen en een kast. Prima voor één nacht. Ik heb zo mijn twijfels over de oude twijfelaar. We slepen de fietstassen naar boven en ik begin direct in de over een lange gang te bereiken oude badkamer aan het weer zo nodige wasje. Wanneer ik over de gang loop, kiert er een deur open met een nieuwsgierig gezicht. De familie schijnt ook op deze etage te wonen. We maken een provisorisch lijntje voor het raam, de was kan mooi uitdruipen op het smalle balkonnetje. Wanneer we ons ook zelf opgefrist hebben willen we het plaatsje in gaan voor wat inkopen. Als we de trap aflopen zien we een meisje naar buiten lopen, haar best doend om de druppels te ontwijken die ergens van boven komen. Ik zie een waterplas voor de deur liggen terwijl het niet heeft geregend en de zon schijnt. "Mijn was" roep ik en ren  naar boven om de kleddernatte kleren weer naar binnen te halen. Mijn was hing dus boven de ingang van de bar en het balkon was een vergiet. Nadat we plastic zakken op de grond hebben gespreid, gaan we opnieuw op stap, eten chips met cola in het plantsoen.

Bij terugkomst blijkt de bar al aardig volgestroomd te zijn met plaatselijke bevolking die op vrijdagavond eens lekker bij wil kletsen en voetbal kijken naar de Supercupwedstrijd Real Madrid - Feyenoord. Real Madrid wint. We vinden nog net een tafeltje en bestellen vanaf een kaart met 12 menu's, waarvan 3 voorradig zijn, iets simpels. Het is inmiddels zo druk en het meisje achter de bar heeft zoveel klandizie, dat ik vrees dat wij ons eten niet meer zullen krijgen en we het alleen zullen moeten doen met de koolhydraten van het bier en de erbij gegeven pinda's. Maar ineens staat het meisje voor ons en vraagt ons iets in het Spaans. Het boekje Wat en Hoe zou nu erg handig zijn geweest; wij snappen haar niet. Ze keert onverrichter zake terug achter de bar, maar na 10 minuten komt ze terug. Weer probeert ze ons iets duidelijk te maken en weer lukt het niet. Wanhopig loopt ze terug. Ik weet niet of ze het spreekwoord 3x scheepsrecht in Spanje ook kennen, maar bijna stampvoetend probeert ze het nog een keer. De Spanjaarden achter ons schieten te hulp. In gebarentaal beduiden ze ons dat we mee moeten lopen. We worden naar een eetzaal gebracht, waar de simpele kroonluchter boven ons aan wordt gedaan. Verder is er niemand. Ik word er wat lacherig van; helemaal als daarna het licht uitvalt en wij in donker zitten. Henk vindt nog een lichtknop zodat het achterste gedeelte van de zaal verlicht wordt. Even later wordt de bestelling gebracht en het smaakt prima. Nu smaakt alles al gauw prima wanneer je een hele dag hebt gefietst.

Als we klaar zijn met eten gaan we weer terug naar de bar; het was daar veel gezelliger. Tot onze stomme verwondering zijn alle mensen verdwenen. Alleen een paar pubers komen nog binnen en vinden het interessant om met ons een gesprek aan te knopen. "What's your name?" en "Where do you come from" en dan hebben we het wel zo'n beetje gehad. De rest gaat met veel gebaren. Het is best grappig om even met hen te praten. Na een Soberano wordt het de hoogste tijd om de twijfelaar de inspecteren. Soms verspringt een veer en we zijn de hele nacht bezig om uit de kuil te klimmen, maar zijn zo moe dat we zelfs dit bed niet onaangenaam vinden. De torenklok vlakbij gedraagt zich als een franse comtoise; het volle uur slaat hij 2 x. Alleen de klepel blijft wat hangen, zodat hij elke keer een beetje dof nagalmt. Dus om 12 uur hoor je 48 slagen. Op zoiets kun je beter niet al te veel gaan letten ......

Terug naar index