2008 Madrid - Portugal - Douro-Duero - Madrid

Madrid - El Escorial - -Guijuelo - La Alberca - Ciudad Rodrigo - Portugal: langs de Douro Barco de Alva -

Miranda de Douro - terug in Spanje: Zamora - Tordesillas - Aranda de Duero - Soria - Madrid

 

Voor het laatst bijgewerkt op 03/01/2009>

Home
Inleiding en Trajectgegevens

 

28/6 Beekbergen-El Escorial
29/6 El Escorial
30/6 ElEscorial-Navaluenga
01/7 Navaluenga-Hoyos
02/7 Hoyos-Guijuelo
03/7 Guijuelo-San Miguel
04-7 San Miguel-Ciudad Rodrigo
05/7 Ciudad Rodrigo
06/7 CiudadRodrigo-Barca de Alva
07/7 Barca de Alva-Mogadouro
08/7 Mogadoura-Miranda de Douro
09/7 Miranda de Douro
10/7 Miranda de Douro-Zamora
11/7 Zamora-Tordesillas
12/7 Tordesillas
13/7 Tordesillas-Penafiel
14/7 Penafiel-Aranda de Duero
15/7 Aranda de Duero
16/7 Aranda de Duero
17/7 Aranda-Ucero
18/7 Ucero
19/7 Ucero-Quintanar
20/7 Quuintanar-Vinuesa
21/7 Vinuesa-Soria
22/7 Soria-Retortilla
23/7 Retortilla-Atienza
24/7 Atienza-Siguenza
25/7 Siguenza-Jadraque
26/7 Jadraque-Madrid
27/7 Madrid-Beekbergen
   
   
   
   
   
   
 

 

 

 

22 juli Retortilla - Atienza 61 km

Er is even wat denkwerk voor nodig als we vragen of de bepakking tot het middaguur in de hostal mag blijven. We komen zelf met het voorstel dat we de fietstassen op de gang zetten in een hoek en dan is het goed. Het ontbijt bestaat uit koffie en koekjes, maar dat zijn we wel gewend. De 16 km lange weg naar afslag Tiermes ligt er helemaal uit. We fietsen over gruiswegen met hier en daar nog een stuk oud asfalt van de ons nog min of meer in het geheugen gegrifde weg van een paar jaar terug. Dat geheugen vertelt ons het meest over de ontbering van die dag - lang, warm en lang niet vlak. We hebben best respect voor ons zelf als we nu weer die lange gestage klimmen maken. Nu aan het begin van de dag; toen aan het eind en ook nog eens meer dan 100 km op de teller. Voordat we naar de Tiermen gaan drinken we eerst cola in de leuke hostal waarRaul ons naar toe wilde sturen. Ook hier zijn sporen van weggereden vrachtwagen, ook hier zijn mensen gestald. Daarna gaan we naar het Bezoekerscentrum en Toby, de hond van de hostal, gaat rennend mee. De Publieksmedewerker is vriendelijk maar vindt dat het eigenlijk te warm is om de opgravingen te bezoeken en adviseert ons vanavond terug te komen. Kan niet; we moeten voort. We moeten eerst nog een stuk dalen en dan weer klimmen naar de Tiermes en Toby gaat mee. Het blijkt dat er mensen bezig zijn met de opgravingen. Er staat een klein kerkje en er is een groot veld waaruit als we een goede rondleiding hadden gehad, zou blijken dat de Romeinen daar een zandig stadje hadden gebouwd. De Romeinen vestigden zich daar al in de laatste eeuw voor Chr. en in de 2e eeuw na Chr. was het een bloeiend stadje compleet met winkels amfitheater, stadsmuren en poorten.

We fietsen terug en zijn blij dat we Toby kwijt zijn. Denken we. Ineens horen we gehijg en ja hoor daar is 't ie weer. Gelukkig haakt hij af bij het Bezoekerscentrum waar hij nieuwe mensen ontdekt. Terug moeten we een aantal keren afstappen voor de vrachtwagens met gruis en ook zij doen kalm aan als ze ons zien. Maar we zijn grijs van het stof en helemaal uitgedroogd van het droge stof in onze mond. We eten daarna weer bij de hostal, voordat we verder gaan. Ook de vrachtwagenchauffeurs zitten er weer tussen de middag en ineens draait zich één van de mannen om en gaapt ons aan. Dan smoest hij tegen zijn collega's, kijkt nog eens en de mannen knikken bevestigend. Ja, ja, wij waren die nietige poppetjes op de weg zonder asfalt waar het verkeer verder alleen maar bestond uit grote vrachtwagens. We hebben keuze uit 2 maaltijden. We krijgen eerst een soort aardappelsalade en daarna cordero + flan en 1 1/2 liter water. Heerlijk allemaal en met een lekkere stevige bodem voor de rest van de dag, beginnen we ons vervolg met de tassen weer op de fiets. We moeten direct stevig klimmen, 9%, en ik weet niet waar ik adem weg moet halen vanwege mijn uitgezette maag. De klim is zwaar, maar eenmaal boven is het uitzicht schitterend; ruig en wijds en wat ook niet verkeerd is is de lange afdaling. Daarna een vrij vlakke weg en zo rijden we naar Atienza, al weer door voornamelijk geschoren graanvelden en weer die rode aarde met daarboven de blauwe lucht, wat zorgt voor prachtige kleuren. Alleen de wind werkt niet mee maar tegen. We zien het kasteel van Atienza al van verre hoog op de berg, maar het stadje zien we niet, heel vreemd. Wel is er ineens een plaatsnaambord en eindelijk als we min of meer een hoek om moeten, blijkt het plaatsje aan de andere kant tegen de berg aan te zijn geplakt. Het komt wat vervallen op ons over, maar we vinden wel een leuk hotel, en Palazio. Helemaal in stijl gerestaureerd. We nemen een bad en gaan opgefrist het stadje verkennen. Het blijkt toch leuker dan bij de eerste indruk. Via de route El Cid lopen we naar de burcht. Bij de bouw van de burcht is gebruik gemaakt van de rots, waarop hij staat. De rots is min of meer het kasteel, waar een toren is opgezet. Boven hebben we een wijds uitzicht over de omgeving. Het waait er heftig en de wind is fris, zodat we snel weer naar de beschutting van het stadje gaan. Het bier met de olijven smaakt ook hier heerlijk. Daarna bezoeken we nog de 'blokkendoos'kerk midden in het stadje.

We eten in het Palazio, maar helaas is de kok niet aanwezig. Men 'regelt' iets en het smaakt ons goed.