Zuid Oost Spanje per fiets 2007

Allicante - Sierra de Segura - Sierra de Cazorla - Costa de Almeria - Sierra de Espuña - Allicante

Voor het laatst bijgewerkt op 02/22/2009

Home
Inleiding en Trajectgegevens

 

03/6 Beekbergen-Murcia
04/6 Bullas
05/6 Nerpio
06/6 Rio Zumeta
07/6 Hornos
08/6 Coto Rios
09/6 Coto Rios
10/6 Cazorla
11/6 Castril
12/6 Velez Blanco
13/6 Lubrin
14/6 Las Negras
15/6 Las Negras
16/6 Las Negras
17/6 Mojacar
18/6 Mojacar
19/6 El Berro
20/6 El Berro
21/6 El Berro wandeling
22/6 Rondrit Sierra EspuñaEl Astet
23/6 El Astet
24/6 Beekbergen
   
   
 

 

 

 

 

14 juni Lubrin -Las Negras

Ik heb een probleem; nu op dit moment; nu ik aan het typen ben. Ik ben de aantekeningen kwijt. Ik heb mijn kamer opgeruimd, vind wel een boekje met vorige aantekeningen, maar van deze tocht ....

Dus ik begin uit het 'blote' hoofd. En misschien is dat best leuk, want ik beleef het nog eens veel intensiever.

Daar gaat ie dan.
We knoeien een beetje om om uit Lubrin te komen. Prettig omknoeien, want we ontbijten eerst aan de bar van het cafeetje dat bij de hostal hoort. Een erg aardige dame en even later haar zoon, die de bestelling, tostade con tomate doorgeeft aan zijn moeder. Ze smaken naar meer en doe ook nog maar een kop koffie.

We fietsen het stadje uit en achteraf blijkt dat we iets verkeerd gedaan hebben. Daar hebben we de eerste kilometers nog geen erg in, maar ergens moeten we een afslag hebben gemist. als we dat ontdekken hebben we al aardig wat geklommen door een prachtig landschap. We stappen weer regelmatig uit om uit te puffen en vooral om achterom te kijken in de diepte, want we klimmen behoorlijk. We zijn op weg naar Sorbas. De afstand er naar toe valt ons een beetje tegen. als we de kaart eens inspecteren, ontdekken we de fout en concluderen dat we zeker 15 km aan het omfietsen zijn. Tot overmaakt van ramp is de weg ook nog eens over een groot gedeelte opgebroken. Gelukkig wel vlak, maar met grote stofwolken van passerend verkeer. We worden meerdere keren langs een wegversperring geleid, en altijd heel vriendelijk toegeknikt. Men hield echt rekening met deze nietige wezentjes. We komen in Sorbas en ik voel me uitgedroogd en verhongerd. Er is markt en ik zie een gebraden kip. Ondanks mijn dorst loopt het water mij in de mond. Maar eerst boodschappen, want anders zijn de winkels gesloten. Waar ze in dat stadje hun boodschappen halen, ik weet het niet, maar uiteindelijk, na veel geduw met de fiets in het klimmende stadje vinden we een kleine winkel. Daarna terug naar de markt en daar krijg ik mijn kip. Heerlijk, lekker uit de zak eten en stukjes kip er vanaf trekken. Kruiden onder de nagels, vliegen om ons heen die een graantje mee willen pikken, het is allemaal zo lekker. Ik knap helemaal op vooral als ik ook nog eens kan drinken, drinken, drinken.

Na Sorbas fietsen we weer door een schitterend landschap. Grijs, dor droog, rotsig. Het maakt een onvergetelijke indruk op ons. We passeren Rio Aguas en geloven het wel. Er is bijna geen verkeer, alleen af en toe een testauto, helemaal gecamoufleerd, een nieuw model, die over de bochtige weg scheurt. Een soort ralleyrijden, en daar leent de weg zich uitstekend voor. Gelukkig komen ze ons alleen maar tegen. Maar als ik nu reclame zie voor een bepaald merk auto, herken ik soms het landschap. Het wordt daar beslist wel eens gefilmd.

Wind. Gelukkig nog schuin achter, want het is behoorlijk krachtig. We fietsen langs een lange rechte weg, door een soort kloof. het is hier erg verlaten. Later fietsen we langs een snelweg en mogen zo af en toe even naar de andere kant. Het begint nog harder te waaien. We gaan, daar waar we af horen te slaan even fout en rechtdoor. Daar vinden we een bar en daar zijn we hard aan toe. Alleen het is niet de bar waar Raul een loflied over schreef. We zitten in een gore bar, en Henks tijd voor sanitair te keuren en te testen. 'Je wilt het niet weten', zijn zijn eerste woorden bij terugkomst. Nee, ik wil het niet weten.

We slaan af richting kust - Mojacar - langs een erg drukke weg. Wind nu van opzij en inmiddels loeihard. Gelukkig drukken de windstoten ons richting berm of rots, maar niet de weg op. We tellen de kilometers tot de afslag en beuken zwijgend door. Dit is niet leuk.

De afslag. Nu gaat het pal tegen de wind in. Het is kaal en heuvelachtig en heuvelop met de wind als tegenkracht, redden we het nauwelijks om boven te komen. Om wanhopig van te worden en dat worden we dan ook. Na overleg - zullen we terug gaan en dan in de eerstvolgende plaats slaapgelegenheid zoeken - wordt toch besloten om door te zetten, elke meter is er weer één. We komen bij een afslag en krijgen de wind weer iets opzij. We moeten nog één beste klim maken, maar het landschap is zo bijzonder, helemaal kaal en bruine rots, en onze nieuwsgierigheid wat er voorbij de top van de klim ligt, drijft ons naar boven. Dan volgt er een heerlijke afdaling en het laatste stuk hebben we voor de wind. In het dorp Las Negras worden we naar rechts, wat betekent: omhoog verwezen naar de camping. We zien een haarspeldbochten weg omhoog slingeren en nog niet iets wat op een camping lijkt. We beginnen aan de klim, maar ik word door de wind gegrepen en op het kiezelstrand gesmeten met fiets en al. Even later durf ik niet meer de fietsen, want als de wind mij opnieuw te pakken krijgt ga ik naar alle waarschijnlijkheid over de vangrail. We duwen het laatste stuk de fiets naar boven en komen op de camping. Maar hoe zetten we de tent op met deze wind. We vinden een vrij luw plekje achter de muur van de campingwinkel. Daarna willen we bier en chips. Het blijkt echter dat de winkel gesloten is en het restaurant ook. We kunnen alleen bier uit een automaat halen. Mijn stemming wordt er niet beter op, maar de campingbaas wijst ons een pad naar het dorp, wat een paar haarspeldbochten afsnijdt. We vinden een heerlijk visrestaurant, waar we na een liter bier, heerlijk eten. Het lekkerste tot nu toe van de hele vakantie. Dat maakt veel goed.