14 juni 2004 Camping Monfragüe - Hervàs : 95 km

’s Nachts zijn we in de slaapzak gekropen en ’s morgens staat er een harde koude wind. De jasjes moeten er bij aan. We vinden dat helemaal niet erg, behalve dan dat het een zijwind is.
We komen in een prachtig ommuurd middeleeuws stadje, Galisteo. Natuurlijk moet ik naar het 13e eeuwse middeleeuwse kerkje Nuestra Senora de a Asunción. Ook nu komt er weer een geestelijke al lezend in zijn bijbel, uit een hoek opduiken en wil me graag veel vertellen over de processie die gisteren heeft plaatsgevonden. Jammer dat ik het niet allemaal snap. Henk blijft buiten en beklimt de muur.
Verder maar weer, inmiddels hebben we harde tegenwind. Het landschap is prachtig, we krijgen geen genoeg van de kurkeiken en het gele gras. Ik krijg wel genoeg van mijn sjimmiënde fiets. Maar ik zal er op verder moeten. Ach, let maar even niet op mij.
We volgen een stuk onverharde oude camino over karrensporen. Het is redelijk goed te doen alleen laten we ons na een poos verleiden door een breder pad. Zo missen we in eerste instantie de Romeinse triomfboog. We gaan terug en volgen nu het pad waar braamstruiken mijn benen openhalen. De beloning is de schitterende Romeinse ruïne Arco de Cáparra. Vlakbij staat een Romeinse mijlpaal. We wanen ons in een andere tijd. We zijn trouwens ook vandaag bijna geen mens tegen gekomen.

De tegenwind wakkert aan tot stormachtig. We hebben eigenlijk niet meer zoveel zin, de weg lijkt vlak maar dat is valse schijn; vals plat dus. We moeten een stukje over de N-630, gelukkig is het op dit moment niet druk en even later wordt het snelverkeer naar een splinternieuwe snelweg geleid. Wij gaan over de locale weg. Even voor Zafra vinden we camping El Pinajarro. De ontvangst had in eerste instantie wat hartelijker mogen zijn, maar aan de andere kant kon ik het me wel voorstellen dat ze die prachtig mooi onderhouden grasveldjes niet gekreukt wilden hebben door een tent. Nadat we onze tent hadden opgezet werden we dan ook besproeid door een gazonsproeier, die na een ijselijke krijs van mij verschrikt weer werd uitgezet door een toch wel weer vriendelijke tuinman, die ons niet had opgemerkt. Het toiletgebouw was bijzonder mooi. Van binnen en buiten geschilderd in warme tinten blauw en roodbruin er hingen schilderijtjes aan de muur.
’s Avonds fietsen we naar het leuke plaatsje Hervás. Een aanrader om even doorheen te dwalen. Ten eerste ruikt het nog een beetje naar de orde van Tempeliers, waartoe Hervás ooit behoorde. Tempelierie spreken nu eenmaal sterk tot mijn verbeelding. En Hervás heeft een leuke joodse wijk, de best bewaard gebleven joodse wijk van Spanje, waar we een poosje doorheen dwalen op zoek naar een eetgelegenheid. We hebben pech; alles is gesloten. Uiteindelijk worden we verwezen naar een groot restaurant aan de buitenkant van Hervás. Het oogt en is chique, het eten is heerlijk en niet eens duur.

Terug naar index