18 juni 2004 Salamanca – Zamora :91 km

Lezende en nog deze tocht volgende fietser: let op!!
- Vanaf de camping richting Salamanca naar de 1e rotonde.
- Op de rontonde 1e afslag rechts; weg langs nieuwbouw volgen.
- Einde weg, je ziet de loop/fietsbrug links voor je.
- Over het zandpad er naar toe.
- Over de brug naar de overkant
- Aan de overkant links het fietspad langs de rivier volgen
- Volgen tot aan het eindpunt waar de weg omhoog loopt
- Tussen de gebouwen door zie je al de klokken van de Plaza Mayor.
- Over trottoir en door voetgangerszone weg zoeken naar de Plaza Mayor
- Volg daarna de beschrijving in ‘De Zilverroute’.

Een schitterende dag; ietsjes sluierbewolking, prima fietsweer. Er moet regelmatig worden geklommen, vooral tussen Fuentesauco en even voorbij El Pinera en sommige gedeelten vallen onder de categorie goed te doen maar pittig. We willen niet te laat op de camping in Zamora zijn, om vandaag Zamora nog even zonder bepakking te kunnen doen.
Wat me van vandaag is bijgebleven is een prachtig golvend graanlandschap, met diverse kleuren goudgeel graan. Hier en daar een verloren boom of inmiddels omgeploegde roodbruine grond, waar soms al weer nieuw gewas was gepland.
Om 2 uur zijn we op de camping in Zamora, een keurige camping met een nog zeer vers gelegd asfalt weggetje er naar toe. Steentjes uit de banden pulken dus. Het is siësta en we moeten even geduld hebben tot de campingbeheerder zijn slaapje uit heeft. Ach we hebben nectarines en onze waterfles en klappen een parasol open op het terras voor de camping.
Een poosje later wordt ons een plekje aangewezen op een groen grasveldje, dat dagelijks is besproeid en waar de muggen hun eitjes gelegd hebben en die vandaag lijken uitgekomen te zijn. We vertrekken zonder bepakking naar het twee kilometer verderop gelegen Zamora. We hebben wat moeite om de ingang van het ommuurde stadje te vinden, maar na een omtrekkende beweging komen we bij de fraaie Romaanse brug over de Duero en rijden, of liever zwoegen lopend naast de fiets, want het loopt stijl omhoog, het stadje binnen.
Na wat gezoek fietsen we over de nauwe keienstraatjes naar het Plaza Mayor, waar we vanaf een terrasje de historische sfeer snuiven. El Cid, de held uit een van onze vorige fietstochten (zie index) is in deze stad in het jaar 1061 tot ridder geslagen. Tien jaar later vond er een koningsdrama plaats. Bert Sitters vertelt er over in zijn boekje De Zilverroute en de El Cid route. Ik wijd er hier nu niet verder over uit.
We fietsen daarna, weer over de hobbelige keitjes naar de kathedraal uit de 12e eeuw in het oudste gedeelte van de stad. Het bezoek aan de kathedraal is meer dan de moeite waard. We bewonderen het prachtige houtsnijwerk achter het prachtige bewerkte smeedijzeren hekwerk ervoor.
Donkere wolken dreigen. We moeten nog inkopen doen en scheuren door het stadje op zoek naar een commercio. Uiteindelijk vinden we een klein winkeltje en kopen het hoognodige en racen daarna richting camping. Haastige spoed is zelden goed blijkt alweer eens.
Mijn fietstas springt van de fiets; even later slaat mijn ketting dubbel. De bui blijft dreigen, mijn humeur is inmiddels al beneden peil.
Douchen, kleding wassen, het waait hard en het is snel droog en ….. we houden het droog op één drup na. Ik kook iets lekkers; albondigas uit een blikje met ui, paprika, ui, tomaat en rijst met nasikruiden. En wat zelden ontbreekt en nu dus ook niet: de fles wijn en een meloen.
Dan valt de genoemde eerste drup. Henk haalt de was binnen, ik blijf zitten. Het blijft bij die ene drup en Henk hangt de was weer op. Het flitst en rommelt maar daar blijft het bij. We wandelen nog een stukje en gaan dan naar de bar. Voetbal.
Even een verhaaltje. ’s Middags was ik al in gebrekkig Engels aangesproken door een man van begin dertig met in zijn handen een startkabel; of ik misschien kon helpen. Ik wees hem op onze fietsen. Naast ons stonden Belgen, die met de auto waren gearriveerd, maar die waren er nu even niet. Verder waren er geen campinggasten. Hij zou even geduld moeten hebben.
Toen wij terugkwamen uit Zamora liep de motor van de volgens mij Volkswagen Sharan. Twee uur later, toen we naar de bar gingen, liep de motor nog en opa zat achter het stuur. In de bar zat de rest van de familie. De man van vanmiddag, zijn vrouw, twee jongens van ongeveer 14 en 12 jaar, een kindje van ongeveer 2 jaar. Verder zat er nog een jongetje bij opa in de auto.
Ik zat naast de man en we knikten eens vriendelijk tegen elkaar. Hij vroeg daarna iets aan zijn vrouw, zij schudde het hoofd, maar hij drong aan. Ze rommelde in haar tas en haalde een enveloppe tevoorschijn. Vol trots liett hij mij een aantal toegangsbewijzen zien voor de wedstrijd Letland – Duitsland, die morgen zou worden gespeeld. Hij vertelde mij, dat ze vannacht zouden gaan rijden en dat ze helemaal uit Letland zijn gekomen om de wedstrijd bij te wonen. Ik zei, dat ik in ieder geval voor hen zal juichen en niet voor de Duitsers. Een man alleen aan een tafeltje voor ons draaide zich om. Oh, oh, een Duitser. Hij vatte het sportief op en ging bij ons zitten en vertelde, dat hij is de eigenaar van de volkswagenbus met grote aanhanger vol met fietsen. Hij begeleidt een groep mensen, die afwisselend lopend en fietsend de Camino doen. Ze slapen in hotels, hij verzorgt de fietsen, maaltijden onderweg etc.

Terug naar index