22 juni 2004 Burgos – Sto Domingo 100,05 km.

Bij het verlaten van de camping kunnen we Burgos laten liggen en fietsen we door bossen en al snel daarna weer door graanvelden van de Tierra de Campos. Hier en daar wordt medelijden getoond en is een stukje bult afgegraven. Of zou dat voor de boeren zijn. Het is vandaag minder koud en ook vandaag hebben we weer aardige klimmetjes; eentje van 4 kilometer lengte met als beloning een lekkere afdaling. En dat allemaal met de wind in de rug. Regelmatig hebben 35 tot 40 km per uur op de teller staan. We beklagen de tegenliggers. Ja het blijft een bedevaartstocht, waarbij toch de nodige pijn behoort te worden geleden. Een dorpje met natuurlijk een historische kerk zorgt zo af en toe voor de nodige afwisseling.

We rijden vandaag grotendeels de route, die we op de El Cid tocht (zie index) ook gefietst hebben. Toen in tegenovergestelde richting: Logroño-Burgos. We stoppen op de plek waar we drie jaar terug de regenjasjes hebben aangedaan en het ook toe maar dertien graden was.
In Belorado staat een oud mannetje met een stok naar ons te zwaaien en te beduiden dat we de verkeerde kant op fietsen. We vliegen er vandaag over, maar de afstand is toch wel weer lang. Op een gegeven moment rijdt Henk weer richting N 120, de drukke autoweg met veel vrachtverkeer. Ik schreeuw; en niet vriendelijk. Henk zegt wijselijk niks. O ja, een poosje later mompelt hij: “Zit mien wief teg’n mie te skreeuw’n”. Dat werkt ontzettend op mijn lach- en beenspieren (slap). De camping zo’n 3 kilometer buiten Sto Domingo de la Caldaza kennen we al van twee jaar terug, alleen is een stuk van het tentenveld opgeofferd aan vaste staanplaatsen.
’s Avonds gaan we nog even op de fiets naar het stadje en halen boodschappen. Ik wil zelf wel weer eens koken en Henk zoekt er een Rioja bij.

Terug naar index